Home | Links | Contact |Zoek    





 








Wat doen we?
Sportclubs
Sporttakken
RecreasKids
Activiteiten
Opleidingen
Projecten

Info
Sportinfo

Interactief
Foto's
Lid worden
Vacatures
Shop
Nieuwsbrief
Contact
Zoek

 

Boccia

Terrein

De oppervlakte van het terrein moet vlak zijn.

De afmetingen zijn 12,5 m x 6 m.
Alle lijnen moeten goed herkenbaar zijn, meestal wordt kleefband gebruikt om de lijnen aan te duiden.
Het werpveld bestaat uit 6 werpvakken.
De V-lijn geeft het gebied aan vanaf waar de doelbal als geldig wordt beschouwd.
Het centrale kruis + geeft de vervangende doelbalpositie aan.

Materiaal

Een set bocciaballen bestaat uit 6 rode en 6 blauwe ballen en 1 witte doelbal.
Bocciaballen zijn kneedbaar en met leder overtrokken.
Een bocciabal weegt +/- 275 gr en heeft een omtrek van +/- 270 mm.

Spelers

Een individuele wedstrijd wordt 1 tegen 1 gespeeld en bestaat uit 4 ends*. Elke speler ontvangt 6 rode of 6 blauwe ballen. Elke speler mag 2 ends beginnen met afwisselend controle over de doelbal. De speler met de rode ballen gebruikt werpvak 3, de speler met de blauwe ballen gebruikt werpvak 4.

Een pair wedstrijd wordt 2 tegen 2 gespeeld en bestaat uit 4 ends. Elke speler ontvangt 3 ballen in het kleur van zijn pair. Elke speler begint 1 end. Het pair met de rode ballen gebruikt de werpvakken 2 en 4, het pair met de blauwe ballen gebruikt de werpvakken 3 en 5. Het werpen van de witte doelbal wordt gestart in numerieke volgorde van de werpvakken (2 --> 5).

Een team wedstrijd wordt 3 tegen 3 gespeeld en bestaat uit 6 ends. Elke speler ontvangt 2 ballen in het kleur van zijn team. Elke speler begint 1 end. Het team met de rode ballen gebruikt de werpvakken 1, 3 en 5. Het team met de blauwe ballen gebruikt de werpvakken 2, 4 en 6. Het werpen van de witte doelbal wordt gestart in numerieke volgorde van de werpvakken (1 --> 6).

end*= onderdeel van een wedstrijd dat duurt tot wanneer de doelbal en alle gekleurde ballen gespeeld zijn door beide kampen.

Spelregels

Door middel van een toss wordt bepaald wie als eerste de witte doelbal mag spelen en in welk vak je moet staan.

De witte doelbal wordt in het veld geworpen en dezelfde speler probeert zijn gekleurde bal zo dicht mogelijk bij de witte doelbal te spelen. Daarna is de tegenpartij aan de beurt. Hierna moet het kamp gooien dat het verst van de witte doelbal vandaan ligt. Dit kamp moet net zolang gooien totdat het lukt één van zijn ballen dichter bij de witte doelbal te spelen dan de tegenpartij.

Indien de witte doelbal tijdens het spel uit het speelveld wordt gekaatst, wordt deze bal teruggelegd op een aangegeven centrale plaats in het veld (kruis) en daarna gaat het spel verder met het kamp dat op dat moment het verst van de witte doelbal vandaan ligt. Ballen die de zijlijn raken of erbuiten liggen, zijn uit en worden in een mand aan het einde van het veld gelegd.


Voor een uitgebreid reglement en de puntentelling klik hier.

Laatste aanpassing: 21/02/2008

Home | Links | Contact | Zoek

Recreas - copyright 2007
Privacy disclaimer